Zoeken

Column

Gedenk, o mens,...

Foto ColumnistMark Van de Voorde - De vasten begint met Aswoensdag. Met de gedachte dat we vergankelijke wezens zijn, tijdelijk en dus voorbijgaand, gaan we op naar Pasen. We eindigen de veertigdagentijd met de gedachte dat we in het spoor van Jezus en door Christus geroepen zijn tot opstanding, bestemd voor de eeuwigheid en dus blijvende wezens. Is dat niet vreemd? Neen, omdat beide werkelijkheden de betekenis van ons mens-zijn en de zin van het leven uitmaken. We lopen hier maar een tijdje rond maar wat we doen heeft eeuwigheidswaarde. Ons aardse bestaan is vergankelijk maar het mag uitlopen in een hemels bestaan. Dat de veertigdagentijd eigenlijk langer duurt dan veertig dagen zegt dat ook. Immers, de veertig dagen slaan op de weekdagen, de zondagen vallen buiten de kring der voorbijgaande dagen. Zondag is tijdens de veertigdagentijd dan ook geen vastendag, elke zondag is immers een kleine Pasen. De materiële kant van de mens en de geestelijke kant van de mens gaan samen op naar Pasen, het tijdelijke en het eeuwige. De mens in zijn totaliteit gaat de vasten in. De christelijke godsdienst is niet dualistisch, dat is de kracht van het christendom.

Lees verder >>