Dagelijks nieuws van Rorate op Facebook en Twitter

Voor het dagelijkse nieuws vanuit katholiek perspectief gaat u vanaf nu naar de Facebook-pagina of Twitter-account van Rorate. Daar delen we de meest interessante nieuwtjes van diverse Nederlandse, Vlaamse nieuwsbronnen. Van de berichten die nog op deze site verschijnen krijgt u - indien u geabonneerd bent - wekelijks een elektronische nieuwsbrief, in de nacht van zaterdag op zondag. Binnen afzienbare tijd zal deze pagina volledig worden herzien. 

Homilie kardinaal Danneels kerstnachtviering (volledige tekst)

Homilie kardinaal Danneels kerstnachtviering (volledige tekst)
BRUSSEL (RKnieuws.net) -Een zalig en gelukkig kerstfeest! Wie houdt er niet van kerstnacht? Een nacht waar de wapens zwijgen. Een nacht vol licht in huizen en kerken; alle lampen ontstoken. Een nacht van gezellig bijeenzijn rond de familiedis. Een nacht waar de hemel de aarde raakt, zoals hier in deze kathedraal waar nu de nachtmis wordt gevierd.


Maar niet voor iedereen

We houden van kerstmis. Maar niet iedereen. Er zijn mensen die er helemaal niet van houden, ze voelen zich triest en ongelukkig, op kerstdag nog meer dan op andere dagen. Laat het maar vlug januari worden, zeggen ze, dat het voorbij is. Het is donker in hun hart in deze kerstnacht vol licht.

Ja, kerstdagen zijn ook dagen van eenzaamheid. Dan zijn depressies het diepst en bereiken ze vaak het alarmpeil. Het is crisis. Het zijn dagen van urenlange telefoongesprekken met hulpverleners, tenminste als ook die niet met vakantie zijn.

Een tijd van eenzaamheid

De nacht van Betlehem was ook een nacht van eenzaamheid: Jezus is geboren buiten de stad, op een verlaten en verborgen plaats, geheel alleen met Maria en Jozef. Toen hij geboren werd – Hij de Zoon van God – bewoog er niets in Betlehem. De sterren zetten hun koers ongestoord voort zoals ze al altijd hadden gedaan, geen hond heeft geblaft om Jezus’ komst op aarde te begroeten. Er roerde geen beest, wat de kerstlegende ook mag zeggen: dat om middernacht alle dieren zich richting Betlehem keren. Er zou ook niemand zijn opgedaagd voor een kraambezoek, waren de engelen niet beginnen zingen en daardoor de stilte van de nacht gebroken. Jezus was al van bij de aanvang geheel alleen, zoals Hij het ook zou zijn op het kruis op het einde van zijn leven.

Hij is gekomen om onze eenzaamheid mee te dragen. Hij is ze zelfs komen bewonen. Want Jezus was daar – de enige die er was – om getuige te zijn deze zomer in de hittegolf, van vijftienduizend mensen die in Frankrijk zijn gestorven, zonder dat iemand naar hen is komen vragen. Geen familielid is opgedaagd. Met vakantie… Alleen de president van de Republiek was er om te zien hoe ze begraven werden : in ‘le carré des indigents’, zeg maar de ‘vergeethoek van het kerkhof’.

Is ons aller hart dan zo ongevoelig en zo slecht? En is onze samenleving dan zou weinig begaan met armen en eenzamen, zo vergeetachtig als het gaat om elementaire menselijkheid? Maar neen. Er bestaat een gigantisch netwerk van sociale dienstbaarheid en er zijn duizenden centra en nog meer mensen, die met deskundigheid en inzet, alle vormen van therapie beoefenen om die eenzaamheid te bestrijden. Maar dat vangnet van technische middelen heeft al te grote mazen om te beletten dat kleine visjes er door vallen. Onze competentie en edelmoedigheid in de langrelaties, zal nooit de fijne mazen van de naastenliefde en de zorg om de kortrelaties kunnen vervangen.

Neen, we hebben geen slecht hart. En ik ben er zeker van dat velen van hen die hier vannacht bijeenzijn, geraakt worden in hun hart, als ze dit beluisteren. Verre van mij dus om enig verwijt te maken aan wie dan ook. Wie ben ik trouwens? Maar misschien hebben we een ‘reminder’ nodig, moeten we er aan herinnerd worden opdat we ons solidariteitsgevoel niet zouden laten overstemmen door feestlawaai en door culinaire genoegens. Mens, herinner je dat je hart geschapen is om goed te zijn . En vooral: het moet maar niet bij een eendagsgevoel blijven. Die kerstwarmte van ons hart moet niet overgaan zodra het weer januari is: ze moet de winterkou doorkomen.

Hoeder van mijn broeder.

Omdat jullie dan een goed hart hebben, sta me toe op deze kerstnacht, een goede raad te geven. Minder zelfs dan een raad: een heel klein vraagje. Kennen jullie een beetje jullie buren? De mensen die in dezelfde straat wonen of in een appartement hoger in hetzelfde blok? Niet dat je op controle moet gaan. Er is trouwens heden ten dage weinig kans dat er nog door sleutelgaten gespied wordt. Daarvoor staat het individualisme ons allen te sterk op het lijf geschreven. Neen, geen controle, maar wel zin voor verantwoordelijkheid. Onlangs meldden de bladen dat men iemand dood gevonden had in zijn huis. Het had negen maanden geduurd voor men het had gemerkt. En het was niet eens in een grote stad. In Ninove. In deze tijd van vereenzaming zijn we allen voor mekaar een beetje zoals de klassieke goede wijkagent, die zijn ronde doet in zijn wijk en ziet wat anderen niet zien. Wat doen we als we plots merken dat iemand die we dagelijks zagen, plots niet meer verschijnt? Met vakantie? Maar het is toch niet altijd juli en augustus? En dan zijn er nog die honderden homes met oude mensen, waar veel eenzamen bij zijn. Velen zien nooit meer familie opdagen of vrienden. Maar bij God bestaat er geen ‘afval’. Priesters voelen die eenzaamheid zo goed aan, als ze bij begrafenissen heel alleen zijn met de kist. Zelfs de dragers zijn weer buiten gegaan. En naast de homes: hoeveel andere mensen en niet eens zo oud, zijn niet eenzaam? Daarbij zijn ze niet altijd arm. Er zijn ook eenzame rijken. We zijn toch allen hoeders van onze broeders?

Al te strenge diagnose van een samenlevingsziekte? Staat dat wel op een kerstnacht? Nee, er valt niet te verwijten. Maar er mag wel beroep worden gedaan op het goede hart. Het is Jezus die zegt: ‘Op deze kerstnacht waar Ik ook in de kribbe alleen was, ga op zoek in je hart waar het stukje goede grond te vinden is dat iedereen in zich draagt. Het is daar door de Schepper gelegd, maar misschien is het wat overwoekerd door wat onkruid. Zonodig wil ik het wel even komen wieden op deze kerstnacht en het besproeien’.

De eenzame ‘presteerder’

Er is echter nog meer te doen dan ons goed hart te laten spreken en toe te zien dat niemand alleen is rondom ons.

Als God in Jezus op de kerstnacht in de wereld is gekomen, was het om in alles ons lot te delen, tot en met onze schamelheid, onmacht en gebrokenheid. ‘Hij is immers helemaal aan ons gelijk willen worden behalve in de zonde’, zegt Paulus. Hij was Gods eigen Zoon, almachtig en volmaakt. Maar Hij werd mens: eindig dus en beperkt, ziek soms en moe. Ook Hij heeft stress gekend. God heeft het dus verdragen onvolmaakt te worden. Als God dat heeft verdragen, waarom verdragen wij het dan niet van onszelf en van de anderen? Want we zijn zo veeleisend, voor onszelf en voor mekaar. In deze westerse samenleving moet iedereen flink op de tenen gaan staan, doen aan dat nieuw soort alpinisme, het obligate klimmen langs die onmogelijke bergwanden van de jacht op prestige en de prestatiedruk. Wie mag nog gewoon zichzelf zijn? We maken mekaar daardoor zo eenzaam. Vragen we echt niet teveel: steeds meer werken, steeds vlugger, steeds rendabeler. Waarom niet een beetje minder en trager? Waarom altijd op je tenen moeten gaan staan en niet eens gewoon een tijdje plat op je voeten kunnen steunen? Er is zoveel eenzaamheid die komt van alleen te moeten vechten om aan onmogelijke verwachtingen te kunnen voldoen. We maken mekaar zo eenzaam: solitaire vechters om er te mogen zijn. Dat is een andere eenzaamheid dan die van mansardekamer op het hoogste verdieping of leven vergeten in een home. Je kunt even eenzaam worden door overvraging als door overbodigheid.

Maar God aanvaardt ons zoals we zijn: ook dat is de les van de kerstnacht. Jezus kreeg een lichaam niet anders of beter of mooier dan dat van een andere kind: hij mocht baby worden. Gewoon en zomaar. Hij moest niet van de eerste uren kunnen lopen en spreken; hij mocht in een kribbe liggen en wenen. Als Jezus om mens te worden geen perfect lichaam nam maar gewoon één uit de serie, waarom zouden wij dan van ons zelf of van de andere eisen meer aan te trekken dan een prêt-à-porter? Jezus was een kind zoals een ander, hulpeloos en eindig, in zijn schamel geboortepak. Op Kerstnacht zegt Jezus tot ons: ‘voor mij mag je zijn wie je bent, leg je zelf en mekaar niet die ondraaglijke lasten op van de cultuur van prestige en prestatie. Wees gewoon een kind zoals Ik het was. Het is dus geen schande onaf te zijn en maak mekaar niet nog meer eenzaam door prestatiedruk’.

Er is daarbij een kwade en een goede eenzaamheid. Een negatieve en een positieve. Er is de eenzaamheid van het verlaten zijn, geïsoleerd, of van het eenzaam moeten presteren op zuurstofarme hoogten . Maar er is ook een positieve eenzaamheid: die van het zich aanvaard weten zoals men is door God en door de mensen. Wie ingaat op die eenzaamheid wordt heel gelukkig. Daar vind je God, daar vind je de natuur en de dingen puur, daar vind je mensen, blije lotgenoten op dezelfde reis. Daar vind je ook God. Er is in ons hart een plekje waar die eenzaamheid en stilte heerst – het is de plek waar we bidden en geloven -. Dat is ‘bewoonde eenzaamheid’. Het is de stilte en de eenzaamheid die ook in God heerst: ze zijn drie samen en ze zwijgen. Van geluk. (tb)

 
 

 

Rorate Zoeken