Dagelijks nieuws van Rorate op Face­book en Twit­ter

Voor het dagelijkse nieuws vanuit katholiek per­spec­tief gaat u vanaf nu naar de Facebook-pagina of Twitter-account van Rorate. Daar delen we de meest inter­es­sante nieuwt­jes van diverse Ned­er­landse, Vlaamse nieuws­bron­nen. Van de berichten die nog op deze site ver­schi­j­nen kri­jgt u — indien u geabon­neerd bent — weke­lijks een elek­tro­n­is­che nieuws­brief, in de nacht van zater­dag op zondag. Bin­nen afzien­bare tijd zal deze pag­ina volledig wor­den herzien. 

OPINIE: Opnieuw moeite met de mening van Mgr. Bonny

In ver­volg op de ‘werk­tekst’ van Mgr. Bonny, de biss­chop van Antwer­pen, aan de vooravond van de gezinssyn­ode van okto­ber in het Vat­i­caan, waarin hij zijn verwachtin­gen ten aanzien van de ­syn­ode uiteen­zet, laat de Antwerpse biss­chop opnieuw van zich horen, nu in een inter­view met De Mor­gen. Bonny maakte zich in zijn werk­tekst zor­gen over de ‘kloof’ die er is ontstaan tussen het offi­ciële kerkelijke­ spreken over sek­su­aliteit en huwelijk en dat­gene wat de kerkge­meen­schap van van­daag feit­elijk gelooft en beleeft. Hij schroomt niet om het offi­ciële stand­punt van de Kerk, zoals ver­wo­ord door de laat­ste pausen, ter dis­cussie te stellen. Nu wil Mgr. Bonny “bin­nen de kerk zoeken naar een formele erken­ning van de rela­tion­aliteit die ook bij veel holebikop­pels aan­wezig is”, een punt dat hij in zijn werk­tekst ook al had aangetipt. Een vergelijk­ing mak­end met de ‘diver­siteit aan legale kaders voor part­ners’ in de samen­lev­ing, zou er ook in de Kerk “een diver­siteit aan erken­ningsvor­men [moeten] komen”, aldus DeMor­gen, van­daag. 

Afgaand op de bericht­gev­ing van De Mor­gen zou Mgr. Bonny menen “dat holebikop­pels een kerke­lijke zegen moeten kun­nen kri­j­gen.” Ook kan een holebire­latie “even­goed aan de cri­te­ria van een kerke­lijk huwelijk … vol­doen.” Voor Bonny zijn “[d]e inhoudelijke waar­den … belan­grijker dan de insti­tu­tionele vraag.” De chris­telijke ethiek gaat naar zijn zeggen “uit van duurzame relaties waarin exclu­siviteit, trouw en zorg voor elkaar cen­traal staan.” Ook het ‘katholieke man-vrouwmonopolie’ om kinderen op te voe­den stelt Bonny vol­gens De Mor­gen ter dis­cussie. Naast de man-vrouw-relatie “is er nog de open­heid voor nieuw leven, of op zijn minst de ver­ant­wo­ordelijkheid die part­ners opne­men om genereus te zijn in wat men doorgeeft aan kinderen.”

Rel­a­tiver­ing

Met deze uit­spraken lijkt me dat Mgr. Bonny aan de vooravond van de opvol­ging van Mgr. André-Joseph Léonard nu defin­i­tief in te zetten op een koers die de rel­a­tiver­ing van de millennia-oude joods-christelijke en katholieke visie op de menselijke sek­su­aliteit inhoudt. Daar­bij zij opge­merkt dat de opvol­ging van Léonard kerkrechtelijk gezien nog een paar jaar op zich zou kun­nen laten wachten. Mgr. Bonny rel­a­tiveert de huwelijksmoraal van de Kerk ten gun­ste van een groep mensen die om welke reden ook — miss­chien vanaf de sek­suele rev­o­lu­tie in de ‘six­ties’, ten tijde van de kerke­lijke afwi­jz­ing maar west­erse aan­vaard­ing van ‘de pil’ — in een vol­gens de kerke­lijk tra­di­tie ‘onge­or­dende’ sek­suele relatie zijn beland.

Dialoog

Als het gaat om de uitdag­ing om als Katholieke Kerk mensen in die sit­u­aties de hand te reiken, dan sta ik aan de kant van de Antwerpse biss­chop: wij moéten als katholieke gelovi­gen en als gemeen­schap de dialoog met deze en zovele andere, ja alle mensen aan dur­ven gaan. En die dialoog mag niets van vero­ordel­ing van per­so­nen in zich dra­gen, eerder van begrip, vrien­delijkheid en per­soon­lijke betrokken­heid, ongeacht hoe die per­soon denkt of leeft. Hoog­stens kan op een del­i­cate manier, het fenomeen van de sek­su­aliteit ter dis­cussie gesteld wor­den, maar nooit de mens die dat fenomeen ver­toont. Daar ligt voor veel ‘rechtzin­nige’ katholieken al een heel grote uitdag­ing. Mensen in ‘niet erk­ende sek­suele relaties’ zijn allereerst mede­mensen, wellicht ook mede-gelovigen, ten min­ste tijdgenoten, buren, fam­i­liele­den, collega’s, ken­nis­sen, en het past ons niet hen ook maar op één of andere wijze negatief te beje­ge­nen. Het zin ook mensen met kwaliteiten, zoals het tussen­rap­port stelde, en menselijke kwaliteiten mogen en moeten gehonoreerd wor­den. Ook het goede in hun relaties, zoals hun trouwe vriend­schap — een beetje zoals David en Jonathan, of Maria en Elis­a­beth — kan ik onmo­gelijk afkeuren. Niet weinig ‘hetero-koppels’ die te koste van zichzelf, elkaar en hun kinderen na een aan­tal jaar van elkaar schei­den, kun­nen een voor­beeld nemen aan de toegewi­jde vriend­schap die ‘homo-koppels’ kunne beleven. Maar deze relaties in het sek­suele trekken staat zo haaks op de man­i­feste bedoelin­gen van de Schep­per met de men­sheid, met zijn biol­o­gisch en antropol­o­gisch bestaan, dat het mij totaal onverdedig­baar lijkt om daar een kerke­lijke erken­ning aan te ver­lenen, zelfs een ‘huwelijk’ mogelijk maken en kinderen aan toe te vertrouwen. De vraag is of dat het belang van de betrokke­nen, niet in de laat­ste plaats de kinderen, wérke­lijk dient, … of vooral dat van de betrokken vol­wasse­nen. 

Water bij de wijn

De vraag is dus of wij voor een posi­tieve beje­gen­ing vanuit de Kerk van mensen in ‘onge­or­dende sek­suele relaties’ zoveel water bij de wijn moeten doen als Mgr. Bonny, ongetwi­jfeld met de beste inten­ties, in mijn ogen doet. Zo is het ver­meende ‘monop­o­lie’ van man-vrouwrelaties op de opvoed­ing van kinderen niet een uitvin­d­ing van de men­sheid of de cul­tuur, maar iets dat met de schep­ping­sorde te maken heeft. Als er zo’n ‘monop­o­lie’ zou bestaan (ik denk van niet), dan is daar maar één ver­ant­wo­ordelijk voor te houden: God de Schep­per van hemel en aarde, waar­van de auteur van Gen­e­sis zegt: ‘Man en vrouw schiep Hij hen, naar Zijn beeld’ (vrij naar Gen. 1,27). En van Jezus weten we in zijn antwo­ord aan de Farizeeën in Mt 19, 112 dat we dat schep­pingswo­ord serieuzer moeten nemen dan zelfs Mozes het deed. Is de houd­ing van Mgr. Bonny te vergelijken met die van Mozes, die ‘om de hard­heid van de harten’ water bij de wijn deden waar het het ver­bod op echtschei­d­ing aan­gaat? Zijn we niet bezig ‘ons gedrag teveel op dat de wereld af te stem­men’, zoals Paulus het zou zeggen (Rom 12, 12). Moeten we niet streven naar “wat God van u wil, en wat goed is, wel­geval­lig en vol­maakt” (ibid)?

Schep­ping­sorde

Wat ik mis in het denken van Mgr. Bonny is een denken vanuit de objec­tiviteit van de schep­ping­sorde, waar de ‘hetero-’ sek­su­aliteit (een pleonasme) een basis­gegeven is, zowel biol­o­gisch als antropol­o­gisch, als (moraal-) the­ol­o­gisch. Mogen we van­daag in onze samen­lev­ing én in onze Kerk nog van objec­tiviteit in de beschouwing van de schep­ping­sorde, en der­halve objec­tieve morele waar­den spreken? De rec­tor van de KU Leu­ven, Rik Torfs, noemt deze objec­tiviteit, die Johannes Paulus II en Bene­dic­tus XVI zo vurig en rijk bear­gu­menteerd verdedigd hebben, ‘dog­ma­tisch’. Daar ben ik het nu eens hele­maal mee eens: het gaat hier om ‘dogma’: een niet weer­leg­bare opvat­ting van (het leergezag van) de Kerk namens Jezus zelf, die de Kerk voor dwal­ing behoedt door de Heilige Geest. Geloven we die din­gen nog? Ik denk ik echter niet dat Rik Torfs dit zo bedoelde met zijn ‘dog­ma­tisch’. De inter­pre­tatie van de chris­telijke ethiek die Mgr. Bonny hanteert lijkt op zeer ges­pan­nen voet te staan van die van de Kerk, in feite ze er in strijd mee te zijn. Of moeten we de ency­cliek ‘Ver­i­tatis Splen­dor’ van Johannes Paulus II nu door de papierver­snip­per­aar halen, omdat de Leu­vense rec­tor die ‘dog­ma­tisch’ vindt? Als gehuwde en vader van zes kinderen kan ik mij ook niet herin­neren ooit een ‘monop­o­lie’ op het opvoe­den van kinderen nagestreefd te hebben, noch de Kerk. Het gaat om een ‘gegeven’ rol en ver­ant­wo­ordelijkheid van oud­ers in een ‘man-vrouwrelatie’ of ‘huwelijk’ die een grote ver­ant­wo­ordelijkheid met zich mee­brengt als ‘mede-scheppers’ van God en met het oog op het welz­ijn van kinderen, boven het eigen­be­lang. 

Diver­siteit

De roep om ‘een diver­siteit aan erken­ningsvor­men’ kan ik begri­jpen vanuit een pas­torale bewogen­heid om met mensen in relatie te kun­nen tre­den die zich nu mogelijk ‘uit­ges­loten’ voe­len, van­wege de leer van de Kerk aan­gaande sek­su­aliteit, maar ook bij gebrek aan passende pas­torale ini­ti­atieven. Ik juich die bewogen­heid toe: het doet denken aan het gaan naar de ‘exis­ten­tiële per­iferie’, zoals paus Fran­cis­cus het noemt. Maar de vraag is of we daarom de objec­tiviteit aan­gaande ‘man-vrouwrelaties’, de sek­su­aliteit, de vrucht­baarheid, huwelijk en gezin, moeten onder­graven of ten min­ste rel­a­tiv­eren. Zeker zullen mensen zich ver­raden voe­len: Man­nen en vrouwen beleven niet zon­der per­soon­lijke en geza­men­lijke offers hun huwelijk­sen­gage­ment en oud­er­schap als een heilige roeping, niet als een soci­aal con­tract: beeld van God te zijn als man én vrouw in een lev­engevende liefdesre­latie naar het voor­beeld van de Drie-eenheid zélf. Ze doen dat vanuit een diep geestelijk en bear­gu­menteerd instem­men met de leer van de Kerk. Nu wor­den ze door een biss­chop in zekere zin in de steek gelaten. Hun heilige roeping wordt gede­gradeerd als ook andere sek­suele relatievor­men op erken­ning kun­nen reke­nen. En mensen die te maken hebben met sek­suele aantrekking tot per­so­nen van het­zelfde ges­lacht, maar inzien dat dat niet vol­gens Gods schep­pings­plan kan zijn om aan die gevoe­lens toe te geven en ze offeren om ‘kuis’ te leven. Dat wil zeggen: ondanks die gevoe­lens streven naar een “ges­laagde inte­gratie van de sek­su­aliteit in de per­soon­lijkheid en … de inner­lijke een­heid van de mens als lichamelijk en geestelijk wezen” (Cat­e­chis­mus van de Katholieke Kerk § 2337). En die mensen zijn er! Maar ze moeten het nu zon­der de steun van de Antwerpse biss­chop stellen: de roeping die zij beleven wordt flink op helling gezet. 

Moeite

Ik heb dus — helaas — grote moeite met de denkwi­jze van onze Antwerpse biss­chop. Maar laat er geen mis­ver­stand over bestaan dat ik hem ten volle respecteer in zijn terechte bezorgdheid, zijn pas­torale bewogen­heid voor diege­nen die zich ‘buitenges­loten’ voe­len. Er zijn echter andere manieren, denk ik, om deze mensen onze diepe chris­telijke sym­pa­thie voor hen als per­soon te com­mu­niceren, zon­der hen te stig­ma­tis­eren en nog min­der te vero­orde­len, maar ook zon­der de objec­tieve waarheid omtrent de sek­su­aliteit geweld aan te doen en hen met iets dat min­der waar is of zelfs hele­maal niet waar te benaderen. We moeten — denk ik — de ‘leer van de Kerk’ dus niet aan­passen, een leer die op objec­tieve waarheid, maar min­stens zoveel op liefde en barmhar­tigheid gebaseerd is. 

Vin­cent Kemme

Lees ook ons com­men­taar op de werk­tekst van Mgr. Bonny voor de gezinssyn­ode.

Foto: Wikipedia 

 
 

 

Rorate Zoeken  

Rorate Nieuws­brief


Ont­vang HTML?